Programma

Sven David Sandstrøm / Henry Purcell – Hear my Payer, oh Lord
Einojuhani Rautavaara – Die erste Elegie
Arvo Pärt – Virgencita
Johannes Brahms – Fest- und Gedenksprüche opus 109
Ēriks Ešenvalds – Sun Dogs, deel 1. The Witnesses en deel 2. The Beauty of this Miracle
Peteris Vasks – Our Mother’s Names

Meesters&Gezellen onder leiding van Sigvards Kļava (chef-dirigent en artistiek leider van het Lets Radiokoor)

Leo Samama (foto: Tenso Network Europe)

Leo Samama (foto: Tenso Network Europe)

Voor de volgende editie van Meesters en gezellen, in 2017, heeft de Letse meesterdirigent Sigvards Kļava een spannend en veelzijdig programma samengesteld. Daarbij ligt de nadruk op de Noord-Europese koortraditie, met werken van de Fin Einujohani Rautavaara, de Est Arvo Pärt, de Letten Pēteris Vasks en Ēriks Ešenvalds en de Zweed Sven-David Sandström. Wat deze werken met elkaar gemeen hebben is de uitgekiende balans tussen gesloten koorzang en stralende solistische momenten op basis van een overwegend welluidende, tonale muzikale techniek. Daardoor passen de Fest-und Gedenksprüche van Johannes Brahms ook zo goed in dit gezelschap.

De toon wordt met Sandström direct gezet door de manier waarop hij het prachtige lied Hear My Prayer, Oh Lord van Henri Purcell vanuit de late zeventiende eeuw naar onze eigen tijd tilt door met het fenomeen tijd te spelen. De verschillende stemmen lijken hier in dichte weefsels te verzanden, maar ook uiteindelijk is een welluidend slot daardoor extra bevredigend. Dat laatste speelt in veel koormuziek rond de Oostzee: dissonante en consonante klanken blijven elkaar ook in de modernste partituren in evenwicht houden en vereisen voor de zangers een uitermate verfijnd oor en doorzichtige koorklank.

Zo combineren Rautavaara en Vasks een moderne, harmonisch wrijvende techniek met grootse en stralende uitbarstingen van jubelzang. Verstilde intimiteit en intense expressiviteit gaan hand in hand. Naast het zoeken van de uiterste grenzen van de koorzang is ook een genuanceerd inkleuren met de stem een geliefd middel in de hedendaagse koormuziek. Menig moment in Ešenvalds’ fascinerende Sun Dogs (d.w.z. bijzonnen of parhelia) doet de oren spitsen: wordt er gezongen of gefloten, gefluisterd of geneuried? Horen we wel een koor of een magisch instrument? Daartegenover lijken de werken van Pärt en Brahms eenduidiger. Toch zijn deze juist daardoor breekbaar en vereisen van de zangers een bijzonder heldere dictie en directe relatie tussen toon en taal.

Het mag duidelijk zijn: de gezellen worden door hun meesters uit het Nederlands Kamerkoor en Cappella Amsterdam en de magiër Sigvards Kļava tot een uiterste aan professionaliteit uitgedaagd. Met als resultaat een concerttournee met unieke presentaties van de hogeschool van de koorzang.

Leo Samama